Wat is IoT?

Het Internet of Things (afgekort IoT) draait om de visie dat veel van de objecten om ons heen zowel zakelijk als privé binnen afzienbare termijn van digitale slimheid worden voorzien. De groei van IoT is sterk en alomvattend. Volgens het Business Insider Report, is het aantal apparaten dat in 2017 met het internet is verbonden tussen de 8 tot 9 miljard apparaten. Diverse onderzoekers verwachten dat het aantal slimme apparaten in 2020 exponentieel is gestegen. De verwachtingen liggen zelfs al tussen de 20 tot 75 miljard apparaten.  Op allerlei gebieden worden apparaten verbonden met het internet: van koelkasten, schoenen, straatlantaarns, stoplichten, tot aan MRI-scanners.

Big Data

Binnen allerlei industrieën, zoals land- en tuinbouw, horeca en de bouw gaan sensoren enorme hoeveelheden data verzamelen over de processen die zich daar afspelen. Analyse van deze data kan inzichten geven in deze processen. Inzichten die voorheen niet of veel moeilijker te verkrijgen waren. Met deze inzichten kan IoT bijdragen aan:

  • optimalisatie van processen
  • efficiënter onderhoud
  • minder verspilling van grond- en hulpstoffen
  • een meer directe relatie met de klanten en toeleveranciers
  • hogere klanttevredenheid

Nieuwe businessmodellen

Slimme ondernemers bedenken op basis van deze informatie geheel nieuwe businessmodellen. Zo verkopen bedrijven die zich initieel richten op de verkoop van apparatuur, inmiddels ook de handelingen van deze apparaten. Dat scheelt de afnemer een grote investering vooraf en biedt de leverancier een langdurige relatie met zijn afnemers. Op termijn realiseert de leverancier een hogere omzet doordat hij een dienst kan leveren die zijn klanten ontzorgt. Voor deze service kan vervolgens een premium tarief worden gerekend.

Klaar voor de toekomst

De snelle ontwikkeling van IoT biedt niet alleen kansen, maar ook bedreigingen. Huidige concurrenten en nieuwe toetreders zullen met innovatieve ideeën komen en mogelijk traditionele bedrijfsmodellen ontwrichten. Om in die omstandigheden te overleven is een pro-actieve houding nodig. Het is dan ‘eten of gegeten worden’. De nieuwe marktomstandigheden vragen om een flexibele en open instelling. Daarin is het niet meer mogelijk in eigen beheer nieuwe bevindingen te doen en die jarenlang uit te venten. Samenwerking is het sleutelwoord, met klanten, met toeleveranciers, met kennisinstituten en zelfs met concurrenten. Op die manier is het niet nodig dat ieder voor zich het wiel uitvindt, maar ontstaat de mogelijkheid voort te bouwen op de kennis en ervaring van anderen.